vochtig brandhout

Vandaag is Joop jarig. Hij heet al Joop, Claudia noemt hem in elk geval nooit meer Mio in whatsappberichten. Hij krijgt vanochtend worst, en vanavond krijgt-ie nog een keer worst. Bijna elke dag krijg ik een foto door, gisteren één waarop hij op zijn rug ligt met zijn voorpoten opgetrokken tot onder zijn kin. Ik heb zin in Joop. Zodat ik ook op een dag als vandaag – nat, grijs – erop uitga. En die geboortedatum is natuurlijk nattevingerwerk van een Griekse dierenarts, daar kan zomaar een paar weken onzekerheid in zitten.

Dat natte en grijze komt nogal slecht uit. Gisteravond hoorde ik het tikken op het tuimelraam in de woonkamer. Even had ik de aanvechting een zeiltje van achter het huis te halen en dat over de zeven kuub hout te leggen die Herr Arnoldy uit Schleid gistermiddag op de oprit stortte. Ik liet het, omdat het pikkedonker was en vooral ook omdat het zeiltje veel te klein zou zijn voor de enorme hoop hout (het grote zeil ligt ónder het hout, ja, je verzint het niet) en vanochtend werd ik wakker met wéér regen. Mijn brandhout is dus nat. Dat is niet fijn. Geen ramp, maar niet fijn, je hebt toch liever lekker droog hout. En dat terwijl het hier godsamme twee maanden niet geregend heeft en de Weatherpro geen enkele regen afgaf. Dat leidde vanochtend in bed tot een kleine woede-aanval (de halve Citaloprams zijn inmiddels kwartjes geworden).

Maar nu is het droog en het waait een beetje en bovendien droogt het hout wel weer op als het eenmaal in het hok ligt. Loslaten dus maar. Altijd alles maar loslaten, daar ben ik om zeven uur vanochtend in bed maar weer mee begonnen. Wat heb je aan woede op de natuur? De Werkstattofen hier in de schrijfkamer brandt, óók met vochtig hout, er is dus niks aan de hand. Herr Arnoldy is 78 en nu houdt-ie er echt mee op. Dit was zijn laatste lading hout. Ik had verwacht dat hij huilen moest, maar dat viel mee, en hij liet weten dat zijn hout nog helemaal niet op is. Momenteel heeft hij een heel goeie Poolse hulp, die zelfs appels gaat rapen om er appelmoes van te maken, en ze kan erg lekker koken en de verzorging van zijn zieke vrouw doet ze ook prima. De vorige Poolse hulp was niks, zei hij, daar had hij alleen maar problemen en moeilijkheden mee. En weer zei hij hoe lekker het was hier in mijn dalletje. Bij hem, daarboven in Schleid, waaide het weer fürchtbar en was het veel kouder. Hij droeg zijn poolmuts en bliefde geen koffie. Hij vertrok zelfs schielijk, alsof hij wél wist dat het zou gaan regenen. ‘Schielijk’, dat woord las ik gisteren in het Verzameld proza van Peskens. Wat overigens prachtig is.

1 thought on “vochtig brandhout”

  1. Schielijk.. ik heb er een beeld bij van een magere man die zich langs een huizenrij in een straat beweegt. Het is halfdonker en het regent, guur weer. In het licht van een straatlantaarn zie je hem gaan. Het is herfst en je sluit
    behoedzaam de zware overgordijnen van de erker waarin je staat. De man beweegt zich schielijk voort. Donkerbruin en grijs. Tijdsbeeld Oliver Twist. Mooi woord ja. Roept een sfeer op.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s