Herrijzenis. Een filmbespreking.

Ik was voor het eerst van mijn leven op het IFFR. Het was afgrijselijk weer. Overal stonden enorme wolkenkrabbers. Ik vroeg me af hoe dat prachtige nieuwe station kan blijven staan, ik bedoel: hoe het komt dat het niet instort. Wind en regen. En toen zag ik de film Resurrection van de Vlaamse regisseur Kristof Hoornaert. Ik was uitgenodigd door de regisseur. Misschien zat hij met klamme handen in de foyer terwijl een honderdtal mensen de film aan het bekijken was. Erna zou een Q&A volgen. Een bos. Heuvelachtig weideland. Een jongen die een andere jongen doodmaakt. Een oude man op een vervallen boerderij. Vier koeien en een hond en een paar kippetjes. Maar ook een bak vol vrolijk bloeiende geraniums op het erf. De oude man is de enige die praat, de jongen zegt in de hele film geen stom woord. De oude man vraagt. Hij krijgt geen antwoord. Soms is er zon, soms regent het. De film schijnt – ik heb daar geen verstand van – geschoten te zijn met een speciale camera, door een Litouwse cameraman. Breed beeld. Op een bepaald moment, alsof die muziek nog nooit gebruikt is in een film, het requiem van Mozart en dat klinkt alsof je het inderdaad nooit eerder hoorde. Soms is een cliché geen cliché. Het bos is een beukenbos. De twee bomen voor de boerderij zijn essen. Er is een moestuin en één rozenstruik. Met witte rozen. Er is een stal met een dikke laag stro. De koeien staan er alsof ze tot op de millimeter op de juiste plek zijn gezet. De hond jankt, de hond speelt mee, de hond zet dingen in gang. De film begint in een grote stad en eindigt in een grote stad, mogelijk dezelfde stad. Gierzwaluwen vliegen over, fazanten roepen. Op een bepaald moment, aan het einde van de film, staan alle kamerplanten in bloei.

Resurrection betekent ‘verrijzenis’ of ‘herrijzenis’. De tweede betekenis is vermoed ik de betere in het licht van deze film. ’s Nachts in bed, of waar dan ook later, besef je, of denk je te beseffen, wat er gebeurt tijdens die laatste scene tussen de oude man en de jongen in de stad. “The end, what about the end?” vroegen verwarde mensen tijdens de Q&A. De regisseur gaf geen krimp en hoofdrolspeler Johan Leysen evenmin. Wat een geweldige, diepe, ontroerende en in al zijn visuele pracht eenvoudige film. Hoe die jongen – gespeeld door Gilles de Schryver – donker kijken kan! (Ik vermoed dat er tijdens het filmen van een heftige scène een adertje in zijn linkeroog gesprongen is en dat de regisseur bij zichzelf dacht: ‘Hoeveel geluk kun je hebben?’) Hij is – ja, arthouse, ja, moeilijk, ja, geen Tom Hanks – op veel te weinig plekken vanaf 29 maart te zien in Nederland. Amsterdam, Utrecht en Nijmegen. Maar als iedereen naar binnen dromt bij EYE of ’t Hoogt, en dusdanig dromt dat de zalen overvol raken, kan dat zomaar veranderen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s