Onzuiverheden [Trouw, 13.4]

Onlangs zag ik in deze krant een paginagrote advertentie met daarop het omslag van Wees onzichtbaar van Murat Isik. Murat zelf stond ook op de foto. ‘Lees de prachtige romans van Murat Isik’, stond er, maar mijn aandacht ging meer uit naar de volgende tekst: ‘De meest bekroonde roman van Nederland.’ O, ja? dacht ik toen en liet het er verder bij zitten. Gelukkig maakte ik er een schermafbeelding van en kan ik nu precies citeren. Het is een leugen, een paginagrote leugen. Als ik aan het tellen sla, kom ik tot vier prijzen, en daarbij moet ‘prijs’ met een korrel zout genomen worden, want sinds wanneer wordt NRC Boek van het Jaar als bekroning gezien? Is NRC dé literatuurgraadmeter? Nee, NRC is een krant, zoals Trouw dat ook is, met als voornaamste verschil dat NRC zichzelf graag groot maakt. En, wacht, nu maak ik te grote sprongen: er staat ‘bekroond’ en ik maak daar automatisch ‘prijs’ van. Misschien gebruikt de uitgever het woord om bij eventuele kritiek – zoals hier, nu – er een andere uitleg aan te geven, waardoor de advertentie geen leugen meer is. Boven is het stil heeft acht prijzen toegekend gekregen, waarvan de meeste in het buitenland. Ik gebruik dat boek omdat ik daarvan wéét dat het zo is. Ik kan me voorstellen dat er andere Nederlandse boeken zijn die eveneens net zo vaak of vaker bekroond zijn dan Wees onzichtbaar. Als ik fout zit, hoor ik het wel van Ambo|Anthos.

Ik ga verder met dingen waar je als argeloze (advertentie)lezer nooit zo bij stil staat. Van die kleine advertentietjes: ‘Nu al vierde druk!’ Goh, denk je dan, dat moet wel een goed boek zijn, als er herdruk op herdruk volgt. Maar: het zegt niets. Een leugen is het niet, misleidend is het wel. Een druk is zo groot als een uitgever hem op laat leggen. Een druk kan bestaan uit driehonderd exemplaren, maar ook uit 50.000 exemplaren. Als we die getallen aanhouden, kunnen vier drukken in totaal 1200 of 200.000 exemplaren omvatten. Dat scheelt nogal. Om bij de bron te blijven: het levert de betreffende schrijver grofweg 2400 euro of 400.000 euro aan royalty’s op. Dat is brood met iets erop of een tweede huis.

Daarnaast is er het vernuftig citeren uit recensies. Een recensent vindt onder andere dit: ‘De auteur heeft overduidelijk krampachtige en opzichtige pogingen gedaan een briljant boek te schrijven, maar helaas is zij voor deze meesterproef dik gezakt.’ De uitgever zit niet bij de pakken neer, troost zijn schrijfster en laat unverfroren ‘Briljant boek’ en ‘Meesterproef’ opnemen in een advertentie om reclame te maken voor het boek, al dan niet met zelfverzonnen uitroeptekens. Tja, het stáát in de bespreking.

Het melden van de verkoop van filmrechten is ook een promotiemiddel. Goh, denk je dan, er wordt een film van gemaakt, dat moet wel een goed boek zijn. Nog even los van de constatering dat van de tien plannen een boek te verfilmen er misschien twee daadwerkelijk plaatsvinden, is het woord ‘verkoop’ misleidend. Hier geen Hollywoodbedragen, hier in Nederland is sprake van een optie op de rechten: een productiemaatschappij claimt de rechten van een boek met als doel dat uitsluitend zij er eventueel een film van kunnen maken. Die bedragen zijn verwaarloosbaar, een jaarlijks bedrag tot de film gemaakt wordt of tot de productiemaatschappij er geen zin meer in heeft. Als de film gemaakt wordt, krijg je als schrijver – al naar gelang de inhoud van het contract – een deel van de productiekosten. Dat levert geen tweede huis op, maar wellicht een jaar lang kaviaar op je brood, maar niet de duurste…

3 gedachten over “Onzuiverheden [Trouw, 13.4]”

  1. Nadat ik had geprotesteerd tegen overnames van gedichten van mij in een bloemlezing van Komrij, zonder dat er tijdig toestemming was gevraagd en zonder dat er een billijke vergoeding tegenover stond, kreeg ik er in een interview met Komrij van langs (hier nog te lezen: https://meandermagazine.nl/2012/07/interview-met-gerrit-komrij/). Ik vond het wel een eer dat hij de vloer met me aanveegde, maar “sloeg ook terug” door in de aanbiedingsfolder van mijn uitgeverij te laten zetten dat ik volgens Komrij een “vooraanstaand dichter” was. Dat had-ie immers in het interview gezegd. Ik ging niet zo ver dat ik het ook achter op een boek zette, want de eigenlijke bedoeling van Komrij was natuurlijk om mij neer te zetten als remspoor in een onderbroek, en ik wilde niet net doen of ik dat niet begreep.

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s